Toelichting

Artikel 6

1-11-2014:

Bij deze wijziging is artikel 6 van bijlage II in zijn geheel geherformuleerd, waarbij onderdeel a (oud) is uitgebreid en onderdeel b is komen te vervallen.

Artikel 6 geeft een specifieke regeling voor het bepalen van het achtererfgebied op een perceel als daar, naast het als hoofdgebouw aan te merken gebouw, meer gebouwen aanwezig zijn die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming, of als naast een hoofdgebouw dat geen woning is nog één of meer woningen aanwezig zijn. Voor laatstgenoemde situatie was al een uitzondering van toepassing voor de bepaling van het achtererfgebied (artikel 6, onderdeel a (oud)). Nu is deze regeling uitgebreid naar de situatie waarin, naast het hoofdgebouw, meer gebouwen aanwezig zijn die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming. Het gaat bijvoorbeeld om defensieterreinen, bedrijfsterreinen en zorgcomplexen.

Met de nu doorgevoerde wijziging wordt bereikt dat als een van bovengenoemde situaties zich voordoet, het achtererfgebied wordt bepaald door het hoofdgebouw, de woning of een van de andere hiervoor bedoelde gebouwen waarvan de voorkant het dichtst is gelegen bij het openbaar toegankelijk gebied. Artikel 6 leidt ertoe dat het achtererfgebied op een perceel zo groot mogelijk is, in ieder geval groter dan wanneer in situaties als in artikel 6 bedoeld, op een perceel een verder van openbaar toegankelijk gebied verwijderd gebouw maatgevend voor het achtererfgebied zou zijn. Overigens moet ervan worden uitgegaan dat ook als er meer gebouwen op een perceel zijn gelegen, altijd één van die gebouwen als hoofdgebouw is aan te merken. Hoe in dat verband de eis moet worden uitgelegd dat het moet gaan om het gebouw dat het belangrijkst is voor de bestemming – verwezen wordt naar de begripsomschrijving van hoofdgebouw in artikel 1, eerste lid, van de bijlage – zal van geval tot geval verschillen. De functie van een gebouw zal hiervoor, gelet op de geldende bestemming, doorslaggevend zijn. Indien er meer gebouwen zijn met gelijkwaardige functies kan een aanknopingspunt gevonden worden in de omvang van het gebouw (het grootste gebouw is in dat geval het hoofdgebouw) of het aantal personen dat in een gebouw werkzaam is of verblijft (het gebouw met de meeste personen is het hoofdgebouw).

Artikel 6 zal bij de hier bedoelde complexen met meerdere gebouwen, als het gaat om het vergunningvrij kunnen bouwen van bijbehorende bouwwerken, vooral betekenis hebben voor de toepassing van artikel 3, onderdeel 1, van de bijlage. Meestal is naast het hoofdgebouw al een oppervlakte van meer dan 150 m2 aan bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied aanwezig, zodat de mogelijkheden om te bouwen op grond van artikel 2, onderdeel 3, opgesoupeerd zullen zijn.

Artikel 6, onderdeel b (oud), regelde dat in een situatie waarin naast een hoofdgebouw tevens één of meer woningen op een perceel aanwezig zijn, deze voor de toepassing van artikel 2, onderdeel 3, onder a, van bijlage II tevens als hoofdgebouw werden aangemerkt. Dat betekende dat rondom die woningen, mits aan de overige eisen van artikel 2, onderdeel 3, werd voldaan, gebruik kon worden gemaakt van de bouwmogelijkheden direct grenzend aan het hoofdgebouw (in dat geval dus de woning) in artikel 2, onderdeel 3, onder a. Het ging in deze situatie veelal om bedrijfswoningen of dienstwoningen. In de nieuwe berekeningswijze voor de maximale oppervlakte aan vergunningvrije bouwwerken wordt gerekend met een maximum aan toegestane m2 per perceel, waarbij er geen afzonderlijk maximum meer geldt voor bijbehorende bouwwerken binnen een zone direct rondom hoofdgebouwen. In dit systeem is de regeling van artikel 6, onderdeel b (oud), niet meer inpasbaar. Dit onderdeel is daarom vervallen.

Wel is in artikel I, onderdeel M, onder 8, aan artikel 7 van de bijlage een lid toegevoegd waarin een specifieke mogelijkheid wordt gecreëerd voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken voor huisvesting in verband met mantelzorg waarop de nieuwe oppervlakteberekening in artikel 2, onderdeel 3, onder f, van de bijlage niet van toepassing is. Deze mogelijkheid is in de praktijk vooral van belang voor de hier bedoelde percelen waarop al een bedrijfs- of dienstwoning naast bedrijfsgebouwen aanwezig is. Verwezen wordt naar de toelichting bij deze wijziging.

 

 
OmgevingsWeb.nl © 2010 -2014  |  Disclaimer  |  Mail ons  |  Vragen / antwoorden?